Avondmaal online, juist in crisistijden

Met de noodzaak van online kerkdiensten en de naderende stille week is er veel discussie over de (on)mogelijkheden van de viering van de eucharistie, avondmaal of Maaltijd van de Heer. In de opiniebijdrage van Barnard en Klomp in Trouw van 27 maart 2020 wordt betoogd dat de liturgie geen ruimte biedt voor avondmaal online en wordt een oproep gedaan voor ritueel vasten. Want, stellen zij, avondmaal veronderstelt de fysieke aanwezigheid van de gemeenschap. Deze redenering is volgens mij om twee redenen niet houdbaar: het mist een bijbels-theologische doordenking van verhalen over maaltijden in crisistijden en het gaat voorbij aan de geleefde ervaring van gelovigen met online kerkdiensten.

Maaltijden in Bijbelse verhalen zijn telkens voor mensen onderweg, en vaak in tijden van crisis. Denk aan de verhalen van de Pesach maaltijd bij de uittocht uit Egypte en het brood uit de hemel, het manna in de Sinaï woestijn. Als Elia de weduwe van Sarfath bezoekt in tijden van hongersnood vraag hij haar een brood te bakken van het laatste meel dat zij heeft. Juist in tijden van crisis gaat de maaltijd door. De evangeliën verhalen hoe Jezus voortdurend mensen ontmoet rond de maaltijd, op allerlei plaatsen en tijden. Ook in gelijkenissen klinkt de uitnodiging voor de maaltijd naar iedereen. De laatste maaltijd van Jezus met zijn vrienden gaat vooraf aan zijn diepste crisis, de kruisiging. Bij de woorden ‘doe dit zo vaak als je eet en drinkt’ worden geen concrete richtlijnen gegeven zoals locatie, plaats, of de rol van gezagsdragers.

Communion

Kerkelijke tradities hebben de viering van de Maaltijd ingekaderd in uitgewerkte liturgieën met daaraan verbonden posities van religieuze gezagsdragers en een duidelijke ordening. Maar tijden van crisis en momenten van instabiliteit vragen om heroverweging en herinterpretatie van rituelen als bestaande vormen niet mogelijk zijn en alternatieven zich aandienen.

Het tweede argument tegen de noodzaak van de fysieke aanwezigheid tijdens het avondmaalritueel betreft de ervaring van gelovigen wanneer zij deelnemen aan online kerkdiensten. Onderzoek naar religie en nieuwe media bevestigt de waardevolle betekenis voor gelovigen van gemeenschapsvorming online. Maar ook ‘oude’ media onderstrepen alternatieven voor fysieke aanwezigheid. Een dominee vertelde mij dat zieken de mogelijkheid krijgen om samen met de gemeente brood en wijn te delen via de kerktelefoon. Die gelijktijdige ervaring wordt als veel betekenisvoller ervaren dan het avondmaal achteraf in kleine kring met de dominee thuis. Hoewel de zieke fysiek niet aanwezig kan zijn, ervaart hij/zij de verbondenheid met de gemeenschap en de tegenwoordigheid van Christus.

Online rituelen stellen belangrijke vragen naar de authenticiteit en legitimiteit van rituele praktijken. In de rooms-katholieke traditie is de aanwezigheid van de priester noodzakelijk wegens de hoog sacramentele betekenis van brood en wijn. Maar ook in de protestantse tradities speelt het ambt een grote rol. Priesters en dominees bepalen de rituele toegang voor ‘gewone gelovigen’ tot de ervaren gemeenschap met elkaar en Christus.

De inzet van de reformatie was een decentralisatie van het gezag in de kerk met een verschuiving van de werking van rituelen naar de gemeenschap. En dat is wat avondmaal online in deze uitzonderlijke tijden kan bieden: de ervaring van verbondenheid als gelovige gemeenschap met haar Heer, de troostvolle ervaring van nabijheid, juist wanneer fysiek contact niet mogelijk is.

Profetie in Nederland

Onderzoek naar Profetie 
De Faculteit Religie en Theologie van de Vrije Universiteit start in samenwerking met de Universiteit van Tilburg ‘Profetie in Nederland’, een groot onderzoek naar de betekenis van profetie voor Christenen in Nederland.
De aanleiding voor dit onderzoek is de toenemende belangstelling voor profetie onder individuele christenen en binnen diverse kerken. Profetie lijkt niet langer een thema dat alleen binnen pinksterkerken en charismatische vernieuwingsbewegingen wordt gethematiseerd.
Over de (theologische) betekenis van profetie en daarmee verbonden praktijken lopen de meningen uiteen. Met dit onderzoek willen dr. Miranda Klaver en dr. Hans van Dijk inventariseren wat er binnen kerken gebeurt, wat voor praktijken zij tegenkomen en hoe er over profetie gedacht wordt in Nederland. Tevens beoogt het onderzoek een theologische reflectie te geven op de gevonden resultaten. Hiertoe is een uitgebreide vragenlijst samengesteld.
Op 30 mei hemelvaartsdag is tijdens de voorjaarsconventie van de Charismatische
Werkgemeenschap in Nederland (CWN)  het onderzoek gelanceerd.
Christenen van alle kerkelijke richtingen en daarbuiten zijn uitgenodigd om de online enquete in te vullen op de websitie vu.nl/profetie
Het onderzoek ‘Profetie in Nederland’ wordt vanuit de Onderzoeksplaats Charismatic and Pentecostal Christianity aan de Faculteit Religie en Theologie aan de Vrije Universiteit Amsterdam geïnitieerd in samenwerking met verschillende Christelijke netwerken en organisaties.
profetie1

Mozaïek033

De reacties op de aankondiging van de uitbreiding van Mozaïek0318 met een tweede locatie Mozaïek033 in Bunschoten waren voorspelbaar. Net als de kritiek op de groei van de Doorbrekers die binnen de grenzen van de biblebelt blijft, krijgt ook Mozaïek0318 het verwijt dat zij uitbreidt naar een gebied waar al voldoende kerken aanwezig zijn. Zoals een dominee op Twitter reageerde:

“Tot nu toe worden zulke gemeenten altijd gesticht op plaatsen waar heel wat kerken reeds zijn. Ooit gehoord van zo’n stap naar Noord-Brabant, Noord-Holland of de grote steden bijvoorbeeld?”



Nu zijn er in een aantal grote steden en ook in het zuiden van het land wel degelijk dit soort type kerken, maar blijkbaar is dit niet bij iedereen bekend. Een aantal voorbeelden zijn: Hillsong Amsterdam & Rotterdam; City Life Church: Den Haag, Maasbracht, Oss, Breda, Tilburg; Utrecht Motion Church; Haarlem Re:connect church; en de ParkCityChurch in Heerlen.

De motivatie voor Mozaïek0318 om een tweede locatie in Bunschoten te vestigen lijkt vooral van praktische aard: er is ruimtegebrek in Veenendaal. Aangezien elke zondag een grote groep uit Bunschoten forenst naar Veenendaal, is opsplitsing van de kerk een voor de hand liggende oplossing. De tweede locatie illustreert de mobiliteit van gelovigen in deze omgeving. Zo kwam ik tijdens mijn onderzoek in de Hillsong kerk in Amsterdam ook regelmatig mensen uit Bunschoten Spakenburg tegen.

Het nieuws van Mozaïek033 wijst op een aantal veranderingen binnen de biblebelt;

  1. Het traditionele parochiemodel van de lokale kerk staat steeds meer onder druk
  2. Evangelische netwerkkerken of regiokerken nemen in aantal toe
  3. Gelovigen maken bewust keuze voor de kerk waar ze zich aan verbinden en laten zich minder leiden door de traditie
  4. Er is een aanzienlijke mobiliteit van gelovigen op zondag
  5. De kerk en de plaatselijke omgeving zijn niet noodzakelijkerwijs met elkaar verbonden

In veel discussies over de kerk en kerkplanting domineert het gebruik van ruimtelijke, geografische kaders die een achterliggende visie op de kerk en haar grenzen veronderstelt, zoals het parochiemodel. Als een kerk ‘geplant’ wordt, is er een specifieke plaats waar de kerk aanwezig is en heeft men lokale groepen op het oog in een geografisch gebied. In kerkplantingsliteratuur is er dan ook veel aandacht voor de lokale context. Vanuit een geografische benadering krijgen nieuwe kerken al gauw het verwijt van ‘sheep stealing’, of zoals iemand het verwoorde op Twitter:IMG_6166

“Nieuwe geloofsgemeenschappen zoals Mozaïek0318 (Veenendaal) gaan bij voorkeur vissen in een goed gevulde vijver. Waar al het (kennis) voorwerk al is gedaan, Giet er een vlot sausje overheen en een goed in het oor liggend verhaal. Ziedaar, een hapklare brok ligt voor het grijpen.”

Kerken zoals Mozaïek0318 zullen dat zelf ontkennen en eerder benadrukken dat zij een kerk willen zijn voor nieuwe gelovigen en tevens een thuis willen bieden aan gedesillusioneerde gelovigen, veelal afkomstig uit andere kerken. Evangelische kerken denken minder in geografische kaders maar veelal vanuit dynamische netwerken waarin mensen zich vrij bewegen en verplaatsen. Dat wil niet zeggen dat mensen in de netwerkkerk zich minder committeren aan de kerk. De aard van de binding is echter wel anders: niet op basis van de (eeuwenlange) traditie van de kerk maar op basis van een bewuste keuze.

Het parochiemodel en de netwerkkerk zijn te vergelijken met het vaak gebruikte voorbeeld van twee boeren. De ene boer houdt zijn koeien op een weiland met een hek erom heen en heeft zijn land duidelijk afgebakend en begrensd. Welke koe er wel of niet de boer hoort is duidelijk. De andere boer laat zijn koeien lopen op een groot gebied zonder afrastering. Deze boer heeft echter wel een waterbron waar de koeien regelmatig naar terugkeren. Ook koeien die toevallig aan komen lopen zijn hier welkom…

In mijn promotieonderzoek naar bekering in evangelische en pinksterkerken (2011) is de grootste groep nieuwkomers afkomstig uit andere (gevestigde) kerken. Uit de verhalen van deze mensen komt naar voren dat mensen niet zomaar overstappen naar een evangelische kerk. De kosten zijn vaak hoog: mensen verliezen een deel van hun vrienden, hun sociaal netwerk en riskeren conflicten met familieleden.

Een aantal redenen waarom mensen weggaan:

  • Mensen die overstappen hebben vaak veel geïnvesteerd in vorige kerk maar zijn vastgelopen o.a. op de bureaucratie, kerkorde, zijn teleurgesteld en geestelijk uitgeput.
  • Mensen hebben op andere plekken (conferenties, retraites, etc) iets van God ervaren maar in hun eigen kerk is daar geen ruimte en erkenning voor.
  • Het besluit om naar een evangelische kerk over te stappen wordt vaak gemotiveerd door zorg om tienerkinderen die afhaken bij de kerk. Een evangelische kerk met veel aandacht voor jongeren wordt als belangrijke ondersteuning van de geloofsopvoeding ervaren.

Een overkoepelend thema in de aantrekkingskracht van evangelische kerken is de verbinding die men kan maken tussen het eigen levensverhaal en het verhaal van God en mensen. Zoals een geinterviewde zei:

“In de kerk ging het altijd over God, maar hier gaat het ook over mij”

Belangrijke aspecten die daarbij verder genoemd worden:

  • Toegankelijke taal van de preek
  • Inspirerende preken waarbij de bijbel concreet gemaakt wordt voor het dagelijks leven
  • Muziek en liederen die het hart raken
  • Hartelijke sfeer en gastvrijheidIMG_4143
  • Uitgebreid kinder- en jongerenwerk
  • Mogelijkheid om mee te werken als vrijwilliger

In de beeldvorming van evangelische regiokerken ontbreekt vaak de aandacht voor de interne structuur van deze kerken. De netwerkstructuur van regionale evangelische kerken kent door middel van kringen op lokaal niveau een geografische inbedding. Naast de massale bijeenkomst op zondag ontmoeten gelovigen elkaar door de week in de kleine groep bij elkaar thuis, vaak in de eigen buurt of plaats.

De groei van evangelische kerken moeten we daarom vanuit in een breder perspectief  bekijken dan uitsluitend vanuit het oogpunt van concurrentie.  Deze ontwikkeling roept in ieder geval op tot zelfreflectie binnen zowel evangelische als gevestigde kerken.

Onderzoeksplaats Charismatic and Pentecostal Christianity aan de Vrije Universiteit Amsterdam

De Vrije Universiteit start 6 maart 2017 de onderzoeksplaats ‘Charismatic and Pentecostal Christianity’ in samenwerking met de Charismatische Werkgemeenschap Nederland. Onder leiding van religieonderzoeker, antropoloog en theoloog Miranda Klaver van de faculteit Godgeleerdheid, wordt onderzoek gedaan naar de religieuze en maatschappelijke betekenis van charismatische venieuwingsbewegingen in Nederland.

Charismatische bewegingen zijn nauw verweven met de opkomst van Pinksterbeweging in de 20e eeuw en horen tot de snelst groeiende stroming binnen het wereldwijde christendom. Kenmerkend is de specifieke aandacht voor de Heilige Geest en de daarbij horende gaven, inclusief opvallende gaven als genezing, klanktaal en profetie. Met haar wortels in evangelische opwekkingsbewegingen is de invloed van deze stroming onder andere zichtbaar in de opkomst van onafhankelijke kerken, in het karakter van wereldwijde christelijke vernieuwingsbewegingen en in de migrantenkerken in Europa.

Toenemende belangstelling voor charismatische praktijken

Miranda Klaver: “Deze bewegingen beïnvloeden zowel de protestantse als de rooms-katholieke tradities in Nederland. Want hoewel veel kerken leeglopen is er toenemende belangstelling voor charismatische praktijken zoals gebed om genezing. Deze ontwikkeling is zichtbaar in de populariteit van charismatische conferenties en de verspreiding via nieuwe media. In dit onderzoek gaat het niet alleen om theologische reflectie maar vooral over de religieuze en sociale consequenties van deze bewegingen: zowel voor de christelijke traditie als voor de toekomst en betekenis van religie in Nederland.”

Verschillende geloofsgemeenschappen betrokken

Decaan Ruard Ganzevoort is blij met de nieuwe onderzoeksplaats: “Dit brengt een van de grootste en snelst groeiende christelijke stromingen wereldwijd weer terug op onze onderzoeksagenda. Het onderzoek van Klaver is uniek in Nederland en de samenwerking met de Charismatische Werkgemeenschap Nederland, die daar ook de Katholieke Charismatische Vernieuwing bij betrekt, maakt dat zeer verschillende geloofsgemeenschappen zelf ook betrokken zijn bij het onderzoek.

Onderzoek binnen deze onderzoeksplaats kenmerkt zich door een combinatie van een antropologische benadering met theologische reflectie en wordt onder andere ondergebracht bij de faculteit Godgeleerdheid: de afdeling Belfiefs & Practices en het Herman Bavinck Centrum voor Gereformeerde en Evangelicale Theologie (HBCRET). Vanuit het Hollenweger Center voor de interdisciplinaire studie van de pinksterbeweging en

charismatische bewegingen neemt Klaver deel aan de European Research Network on Global Pinksterbeweging (GloPent) en werkt samen met gelieerde universiteiten in Heidelberg, Basel, Birmingham en Uppsala.

Charismatische Werkgemeenschap Nederland

De CWN is een actieve netwerkorganisatie met diverse initiatieven waaronder cursussen voor predikanten en meerdaagse conventies. CWN is gesprekspartner binnen diverse verbanden in kerkelijk Nederland onder andere in de Protestantse Kerk in Nederland en de Oud Katholieke Kerk.
De CWN heeft een lange traditie van theologische reflectie opgebouwd in samenwerking met de Katholieke Charismatische Vernieuwing, met wie zij aan de VU een leerstoel Theologie van de Charismatische Vernieuwing heeft gevestigd. Deze leerstoel is momenteel vacant. Onderzoek naar charismatische vernieuwingsbewegingen wordt nu bij de nieuwe onderzoeksplaats Charismatic and Pentecostal Christianity ondergebracht. De CWN en de KCV zijn blij met de inzet van de VU op dit terrein.

Walter Hollenweger

The Swiss theologian Walter Hollenweger passed away August 10, 2016. In the academic world of theology and religious studies, he is known as the founding father of Pentecostal Studies. His Pentecostal background and early career as a Pentecostal pastor and evangelist set the stage for his later career when he devoted more than half a century to the study of Pentecostal history and theology. As a pioneer, he was among the first to study Pentecostalism at a time when Pentecostalism was of little interest of scholars and regarded as a marginal topic. He gained his Doctor in Theology from Zurich University in 1966 with his dissertation on the world wide Pentecostal movement Handbuch der Pfingstbeweging. He became member of the Swiss Reformed Church and was appointed as Secretary for Evangelism in the Division of World Mission and Evangelism of the World Counsel of Churches (WCC) in 1965. With his ecumenical experience he played a significant part in establishing dialogue between groups within the WCC and those outside (evangelicals and Pentecostals). In 1971 Hollenweger moved to Birmingham where he became Professor of Mission until 1989. There he introduced the term intercultural theology, relativizing the dominance and normativity of western theology for all cultures. Also, he was among the first theologians to broaden the concept of theology by emphasizing the relevance of oral culture and narrative theology. This is next to his extensive academic work, demonstrated in his enthusiasm for drama, plays and performance as he wrote many plays most notable the Bonhoeffer Requiem at the 1987 Kirchentag in Berlin.

Out of his encouragement, several research networks have been established such as the European Network on the study of Global Pentecostalism (GloPent) and the European Pentecostal Charismatic Research Association (EPCRA). The University in Birmingham honors him annually with the Walter Hollenweger lecture. At the Vrije Universiteit Amsterdam, the Hollenweger Center was established in 2002 in his honor as the book- and magazine collection of Hollenweger was housed in the library of the university.

Hollenweger uniquely was able to integrate the heritage of his Pentecostal background in his academic career by adopting a critical approach to Pentecostalism, facilitating dialogue within the larger Christian community and developing the study of intercultural theology. With the passing away of Hollenweger, a remarkable scholar has gone.

Evangelicals and Sources of Authority

Boekpresentatie 17 juni 2016

Wat zijn de gezaghebbende bronnen voor de geloofsovertuigingen en praktijken van evangelicals? Hoewel de bijbel een groot gezag heeft, is zij niet de enige bron van autoriteit. In dit nieuwe boek met bijdragen van verschillende auteurs wordt duidelijk hoe  de wereld van evangelicals verandert en in beweging is. In dit boek is onder andere mijn bijdrage over Hillsong en Nieuwe Media te lezen met de titel “New Media Making and Breaking Religious Leadership- the Case of Hillsong Church”.

De boekpresentatie vindt plaats tijdens de opening van het Herman Bavinck Center for Reformed and Evangelical Theology, 17 juni, 13.30-16.30 Vrije Universiteit Amsterdam. Meer informatie op de  website Vrije Universiteit

 

evangelicals authority

 

De Passion Amersfoort 2016

vcm_s_kf_m160_106x160

Bij de eerste Passion in Gouda 2011 stond ik als religieonderzoeker op het plein. Ik was onder de indruk van de moed van de initiatiefnemers om het paasverhaal als spektakel naar de publieke ruimte te brengen. Ik was benieuwd naar de kruisiging: hoe zou dat verbeeld worden? Toen het kruis bij het plein arriveerde werd het spel stilgelegd. De verteller hield een lang relaas over de kruisdood van Jezus. Ik haakte af. De uitgebreide details over het lichamelijke lijden van Jezus herinnerde me aan Bob Smalhout, aan Gibson’s Passion of the Christ en de bloedtheologie van pinksterpredikers die het wonder van het kruis benadrukken. Met een focus op het gruwelijke lijden van Jezus loopt men het risico om geweld te verheerlijken. De verschillende lagen en tradities in de bijbelboeken rond de dood van Jezus worden geen recht gedaan met een sensationeel, eendimensionaal verhaal.

In de Passion van Amersfoort 2016 klonk een nieuwe versie van de kruisiging met meer ruimte voor verbeelding en interpretatie voor de toeschouwers. Anders dan Jezus’ dood als verzoening voor de zonden was hier ook het beeld van de lijdende rechtvaardige. Dat laatste was gezien het onrecht en geweld deze week een welkome correctie op de eerdere uitvoeringen van de Passion. Samen met de Bergrede als opening sloot de Passion in Amersfoort zowel beter aan bij de maatschappelijke context als bij de breedte van de christelijke traditie.

Evangelicalen en homoseksuele relaties: World Vision

Op 27 maart 2014 maakte de Amerikaanse tak van de christelijke hulpverleningsorganisatie World Vision bekend dat voortaan getrouwde homo’s en lesbiennes welkom waren als medewerkers. Twee dagen later trok World Vision het besluit in. De stortvloed van reacties van zowel verontruste tegenstanders van het eerste besluit en de enorm diepe teleurstelling geuit door vooral de jongere progressieve generatie evangelicals in de VS (en daarbuiten) maken duidelijk hoe gepolariseerd het debat rond homoseksualiteit is binnen de evangelicale wereld. Dat World Vision naar buiten kwam met het eerste bericht vond ik opmerkelijk, moedig en gedurfd. Ik kon verschillende redenen bedenken voor dit besluit. In de eerste plaats leek World Vision duidelijk te stelling nemen tegen de toegenomen homophobia in Afrika en de dubieuze rol van extreme evangelicale zendingsorganisaties die de ‘culture war’ verschoven hebben van de VS naar bijvoorbeeld Oeganda. In de tweede plaats zou dit besluit erop kunnen wijzen dat er binnen de organisatie meer ruimte komt voor de jonge generatie evangelicals die veel minder moeite hebben met homo-relaties dan de generaties daarboven. Uit onderzoek blijkt zelfs dat afwijzing van homoseksualiteit de belangrijkste reden is dat zij de kerk verlaten. Verder hebben christelijke hulporganisaties die overheidssubsidies ontvangen in toenemende mate te maken met anti-discriminatiebeleid. Hoewel World Vision recentelijk een rechtszaak heeft gewonnen om een eigen personeelsbeleid te kunnen voeren gaat het debat hier over door. Ik kan niet anders concluderen dat World Vision een enorme inschattingsfout heeft gemaakt. Opvattingen over homoseksualiteit zijn voor een belangrijk deel van de  evangelicale wereld de lakmoesproef voor orthodox en bijbelgetrouw christen-zijn. De scherpe veroordeling van World Vision door verschillende evangelicale voormannen en kerkgenootschappen (zoals de Assemblies of God) was blijkbaar niet voorzien.  Samen met de reacties van duizenden individuele sponsors die hun financiële steun terugtrokken is World Vision bezweken onder de enorme druk die op de organisatie werd uitgeoefend. In de onderbouwing voor het terugrekken van het besluit wordt niet voor niets verwezen naar het belang van het schriftgezag en de autoriteit van de bijbel. De affaire kent alleen verliezers, zoals Antonie Fountain schreef op zijn blog.